Informatieavond thuisbatterij
Door de sterk toenemende interesse in de thuisbatterij en slim omgaan met energie, organiseren wij een reeks vrijblijvende en inspirerende informatieavonden.
Geplaatst op 18 oktober 2026
Een laadpaal heeft in de meeste gevallen geen directe invloed op het officiële energielabel van een bedrijfspand. Het energielabel wordt berekend op basis van de gebouwgebonden energieprestatie, en een laadpaal valt buiten die berekening. Toch kan een laadpaal indirect bijdragen aan een gunstiger energieprofiel, zeker in combinatie met zonnepanelen en een slim energiemanagementsysteem. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over laadpalen, energieverbruik en het energielabel van bedrijfspanden.
Het energielabel van een bedrijfspand wordt bepaald door de gebouwgebonden energieprestatie. Dat betekent: isolatiewaarden, verwarmingssystemen, koeling, ventilatie, verlichting en eventuele opwekking van hernieuwbare energie via het gebouw zelf, zoals zonnepanelen op het dak. Het label loopt van A++++ (meest energiezuinig) tot G (minst energiezuinig).
De berekening is vastgelegd in de NTA 8800, de Nederlandse norm voor energieprestatie van gebouwen. Hierbij tellen zaken als dakisolatie, gevelisolatie, beglazing en de efficiëntie van installaties zwaar mee. Gebouwgebonden opwekking van zonne-energie kan het label positief beïnvloeden, omdat het de netto energiebehoefte van het pand verlaagt. Processen die buiten het gebouw plaatsvinden of die niet structureel aan het pand zijn gekoppeld, tellen niet mee in deze berekening.
Nee, een laadpaal telt niet mee in de officiële energielabelberekening van een bedrijfspand. Laadpalen worden beschouwd als gebruiksgebonden apparatuur, vergelijkbaar met productieapparatuur of kantoorelektronica. Ze vallen buiten de scope van de NTA 8800-norm, die uitsluitend kijkt naar gebouwgebonden installaties.
Dit betekent dat het plaatsen van een laadpaal het energielabel van uw bedrijfspand niet automatisch verbetert of verslechtert. Het energieverbruik van de laadpaal telt wel mee in uw werkelijke elektriciteitsrekening en in uw totale CO2-voetafdruk als bedrijf, maar niet in de formele labelclassificatie. Voor bedrijven die het energielabel willen verbeteren, is investeren in gebouwisolatie, efficiëntere installaties of gebouwgebonden zonne-energie effectiever.
Slim laden kan het totale energieverbruik en de energiekosten van een bedrijf aanzienlijk verlagen, ook al heeft dit geen effect op het energielabel zelf. Bij slim laden wordt de laadpaal aangestuurd op basis van actuele energieprijzen, beschikbare zonne-energie en het verbruikspatroon van het bedrijf, waardoor laden plaatsvindt op de meest voordelige momenten.
Een slim energiemanagementsysteem, zoals het BespaarPartner EMS, koppelt de laadpaal aan andere energiebronnen binnen het bedrijf. Het systeem analyseert historische verbruiksdata, weersvoorspellingen en gedragspatronen om te bepalen wanneer het voordelig is om te laden. Dit voorkomt piekvermogen op het elektriciteitsnet, wat bij zakelijke aansluitingen direct invloed heeft op de transportkosten. Bedrijven met een capaciteitstarief profiteren extra van deze slimme sturing, omdat piekbelasting op de aansluiting direct leidt tot hogere netkosten.
Een laadpaal op zichzelf verbetert het energielabel niet, maar zonnepanelen die aan het bedrijfspand zijn bevestigd, kunnen dat wel. Gebouwgebonden zonne-energie verlaagt de netto energiebehoefte van het pand en telt mee in de NTA 8800-berekening. De combinatie van zonnepanelen met een laadpaal maakt het bovendien mogelijk om eigen opgewekte energie direct te gebruiken voor het laden van voertuigen.
Vanuit energieprestatieperspectief geldt: hoe meer zonne-energie het gebouw zelf opwekt en verbruikt, hoe lager de energieprestatie-index en hoe beter het label. Een laadpaal die gevoed wordt door zonnepanelen op het dak verlaagt het netto-afnameverbruik van het net, wat indirect bijdraagt aan een efficiënter energieprofiel voor het bedrijf als geheel. De formele labelverbetering komt echter van de zonnepanelen, niet van de laadpaal zelf.
Een beter energielabel voor een bedrijfspand levert concrete financiële en juridische voordelen op. In 2026 geldt voor kantoorgebouwen boven 100 m² een wettelijke minimumeis van energielabel C. Panden die niet aan deze eis voldoen, mogen in principe niet meer als kantoor worden gebruikt. Een hoger label beschermt de gebruikswaarde en verhuurwaarde van het pand.
Daarnaast zijn er financiële voordelen verbonden aan een goed energielabel:
Laadpalen zelf vallen ook onder subsidieregelingen, zoals de SEBA-subsidie voor zakelijke laadinfrastructuur, maar dit staat los van het energielabel van het pand.
Een gecertificeerde energieadviseur is verplicht bij het officieel vaststellen of wijzigen van het energielabel van een bedrijfspand. Alleen een erkend EPA-adviseur (Energieprestatie Advies) mag een geldig energielabel afgeven dat is geregistreerd in het EP-Online-register van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).
In de volgende situaties is een gecertificeerde adviseur nodig:
Voor het installeren van een laadpaal of zonnepanelen is geen energieadviseur vereist, maar het is verstandig om na een grote energetische investering het energielabel opnieuw te laten vaststellen. Zo profiteert u officieel van de verbeterde energieprestatie van uw pand en kunt u dit aantonen richting financiers, huurders of subsidieverstrekkers.
Ja, het is sterk aan te raden om na de installatie van zonnepanelen een nieuw energielabel te laten vaststellen door een gecertificeerde EPA-adviseur. Zonnepanelen die gebouwgebonden zijn, tellen namelijk mee in de NTA 8800-berekening en kunnen uw label aanzienlijk verbeteren. Zonder een officieel herzien label profiteert u niet formeel van de verbeterde energieprestatie, wat nadelig kan zijn bij subsidieaanvragen, verhuur of verkoop van uw pand.
Het energielabel is gebaseerd op de theoretische, gebouwgebonden energieprestatie-index (EPI), berekend via de NTA 8800-norm. Dit is een gestandaardiseerde berekening die onafhankelijk is van uw daadwerkelijke gebruik. Uw werkelijke energieverbruik wordt beïnvloed door factoren zoals het aantal medewerkers, apparatuur, laadpalen en openingstijden — elementen die buiten de labelberekening vallen. Het is dus goed mogelijk dat uw werkelijke verbruik hoger of lager is dan het label suggereert.
Als huurder heeft u in principe toestemming nodig van de verhuurder om een laadpaal te installeren, omdat het gaat om een aanpassing aan de elektrische infrastructuur van het pand. Het is verstandig dit schriftelijk vast te leggen en afspraken te maken over wie eigenaar wordt van de installatie en wie verantwoordelijk is voor onderhoud en eventuele verwijdering bij vertrek. Sommige verhuurders staan hier positief tegenover, zeker als de laadpaal de aantrekkelijkheid en duurzaamheid van het pand vergroot.
Een veelgemaakte fout is investeren in maatregelen die het werkelijke energieverbruik verlagen, maar geen effect hebben op het officiële energielabel — zoals het plaatsen van een laadpaal of het vervangen van kantoorapparatuur. Daarnaast wachten veel bedrijven te lang met het laten herzien van hun label na een renovatie of investeringen in isolatie en installaties, waardoor ze de voordelen niet officieel kunnen aantonen. Tot slot onderschatten bedrijven regelmatig de impact van de kantorennorm van 2026, waardoor ze te laat beginnen met de benodigde aanpassingen.
U kunt het huidige energielabel van uw bedrijfspand opzoeken via het EP-Online-register van de RVO (rvo.nl). Als uw pand een geldig label heeft van C of hoger, voldoet u aan de aankomende kantorennorm. Heeft u geen geldig label of scoort uw pand lager dan C, dan is het verstandig om zo snel mogelijk een gecertificeerde EPA-adviseur in te schakelen voor een maatwerkadvies over welke investeringen nodig zijn om tijdig aan de norm te voldoen.
Ja, een slim energiemanagementsysteem (EMS) is juist zeer effectief voor het beheersen van het capaciteitstarief. Door laadpalen, zonnepanelen en andere grote verbruikers slim op elkaar af te stemmen, worden piekmomenten in het netverbruik vermeden. Bij zakelijke aansluitingen wordt het capaciteitstarief bepaald op basis van het hoogste kwartiergemiddelde vermogen per maand, dus zelfs één ongunstige piekmoment kan de kosten significant verhogen. Een EMS zoals BespaarPartner voorkomt dit door verbruik automatisch te spreiden.
Ja, er zijn meerdere subsidie- en fiscale regelingen die u kunt combineren. Voor zonnepanelen kunt u gebruikmaken van de SDE++-subsidie (voor grotere installaties) en de EIA (Energie-investeringsaftrek), waarmee u een deel van de investeringskosten fiscaal kunt aftrekken. Voor zakelijke laadinfrastructuur is de SEBA-subsidie beschikbaar. Het is aan te raden om een energieadviseur of subsidiespecialist te raadplegen, omdat de voorwaarden en beschikbaarheid van deze regelingen regelmatig worden bijgewerkt en combinaties mogelijk zijn.
Door de sterk toenemende interesse in de thuisbatterij en slim omgaan met energie, organiseren wij een reeks vrijblijvende en inspirerende informatieavonden.